007- Op weg naar de Bevrijding 1945

Onderstaand de tekst uit het dagboekje van de heer W. de Jong. In die periode ambtenaar van de burgerlijke stand van de Gemeente Zutphen en kerkorganist van o.a. de Broederenkerk . Hij woonde in de Rozenhoflaan tijdelijk omdat woonruimte aan de Nieuwstad te kapot was door Munitietrein. Ik kreeg het boekje van zijn zoon.  Dik gedrukt enkele opmerkelijke zaken (JK).

Goede Vrijdag 30 maart 1945.

In Almen tijdens Heilig Avondmaal een Amerikaanse jager neergestort die even van te voren z’n bommen op  het Binnenpad vlak achter de boterfabriek had neergegooid. Geen doden.

Zaterdag 31 maart.

Alle bruggen geladen ’s middags pantsergevaar.

2 April.

Tijdens de morgendienst waar ik organist was onder het laatste gezang hevige explosies, opblazen van de brug Spitaalstraat-Emmerikseweg.

’s Avonds eerst op stoelen in de huiskamer gezeten. Omstreeks 22.00 uur naar het kolenhok in de kelder gegaan met z’n allen. Heer en mevrouw Nakken, Marco, Mies en ik. Daar op stoelen de hele nacht gezeten tijdens hevig en zwaar artillerievuur van de Britten. De granaten suisden door de lucht. ’s Ochtends bleken diverse huizen aan Coehoornsingel en Rozenhoflaan treffers te hebben gehad geen doden.

Dinsdag 3 april.

V.M. 10.00 uur naar secretarie voor geboorten en overlijdensaangiften. ,s Middags de kelder (het kolenhok) als slaapvertrek ingericht. De kelder met drie balken gestut. De kolen in twee kisten voor de uitgang van het souterrain geplaatst als bescherming voor granaatsplinters.

Nacht van dinsdag 3 op woensdag 4 april rustig in de kelder geslapen.

Woensdag 4 april.

’s Morgens naar secretarie, waar nog twee huwelijken werden voltrokken en verder geboorte en overlijdensaangiften werden aangenomen. Daar de Larebrug bij de watertoren niet meer gepasseerd mocht worden kon er op de Algemene Begraafplaats niet meer begraven worden. Besloten werd achter het ziekenhuis aan de Coehoornsingel een tijdelijke begraafplaats in te richten voor de R.K bij het R.K. ziekenhuis. ( later ook in plantsoenen)

Woensdagmiddag onder hevig Duits granaatvuurstaat mevr. Nakken pannenkoeken te bakken. Omstreeks vier opblazing van de Eefdsche brug over het Twente kanaal. Om 19.00 uur ging de Deventerwegbrug bij huis van burgemeester de lucht in. Weer eenige ruiten in onze woonkamer kapot en het zink weggeslagen in de voorkamer moeder, waar de ruiten al sedert de munitietrein{28 sept} kapot waren. Woensdagnacht rustig in de kelder geslapen na tot 22.00 uur in de kelder te hebben gebridged.

Donderdag 5 april.

11 uur Julianabrug over de Berkel de lucht in. Weer geweldige luchtdruk; geen ruiten kapot. Onze openslaande deuren met ruiten , waarvoor planken als bescherming stonden dag en nacht open. Verder de kelder, het souterrain als woonkamer ingericht., tapijt neergelegd en kachel geplaatst. Mevr. Nakken met buurdames op weg om brood te halen maar teruggekeerd wegens het springen van de Julianabrug. Geallieerden zitten op Almens binnenpad bij Huize de Voorst. En achter het Graffel. ’s Middags op nabije afstand steeds kanongebulder en mitrailleurvuur van 13.00 uur tot 20.00 uur mochten we niet op straat. Donderdagavond om 21.00 uur naar bed. Rustig geslapen tot 4.15.  wakker geworden door hevig Geallieerd granaatvuur angstig.

Vrijdag 6 april.

Om 9.30 even naar boven in de Rozenhoflaan vele treffers ons huis niet. Om 11.15 komen 10 Duitse soldaten ons huis binnen via voordeur die alleen op de ketting zat. “Wir schiessen nicht suchen  Deckung, Tommies zijn bij de Brücke” zeiden ze. Ze lieten een tasch achter met wat doosjes lucifers en zeep. Ze verdwenen via de tuin. Hierna weer tot 4.15 uur in de kelder. Toen kachel aangemaakt. Aardappelpuree gemaakt en bruinebonensoep gekookt. Om 21 .00 uur kwam een mof bellen en vroeg om met 10 kerels bij ons te slapen. Afgewimpeld. Hij liet ons ons woonkamertje houden en zei dat de Duitsers toch wel humaan waren. Verder rustige nacht tot 6.00 uur v.m. Toen weer hevig artillerie vuur.

Zaterdag 7 april.

Om 8 uur laatste tarwe boterham gegeten. In de straaten artillerievuur. Vliegtuigen. )m 10.30 roept men in de laan om emmers. Het Algemeen Ziekenhuis aan de Coehoornsingel staat in brand. Alle bewoners van Rozenhoflaan en Coehoornsingel vormden een ketting van de gracht naar het ziekenhuis { de nieuwe vleugel stond in brand}. Met emmers water trachtten we te blussschen verder werkten we met bijlen en schoppen op het dak. Om 12.00 uur pauze vanwege artillerievuur. En het in brand schieten van een Duits munitiedepot bij Spieker en Elferink. Toen bleek ons dat wij Deventerwegkwartier en Rozenhoflaan bevrijd waren n.l. bij het ziekenhuis drie Canadezen en twee Nederlanders van de Prinses Irene brigade {vrijwilligers uit Brabant} alle patiënten een 30 tal waren bijna allen bij burgers gebracht enkel nog in kelder ziekenhuis. De brand bleek niet te stuiten de heele nieuwe vleugel brandde uit. Ook in de stad diverse branden: o.a. kazerne Nieuwstad. Vanaf drie uur werden alle huizen door Canadezen op moffen doorzocht. Bij ons werden onze bevrijders op pannenkoekjes onthaald. Resultaat: eenige Engelse sigaretten. Zutphen werd nu verder van moffen gezuiverd overal hoorde je knallen, mitrailleurvuur enz. Tank konden nog niet binnen komen. Bruggen waren nog kapot. Ik maakte enkele foto’s  van de Canadezen die dit lachend ondergingen. Zaterdag om 22.30 naar bed {in kelder nog steeds} Goed en rustig geslapen.

Zondagmorgen 8 april.

Nog even intens Britsch artillerievuur. Om 8 uur opgestaan. De heele stad was nu  vrij. Tanks en allerlei ander materieel reden door de straten voorzien van oranje vlaggetjes. Sommige tanks gooiden sigaretten uit. De heele stad vlagt ook wij. Ieder draagt oranje. D stad ziet er aller-treurigst uit. Vele huizen in puin en uitgebrand door vlammenwerpers omdat er nog moffen in zaten die weigerden zich over te geven. Er woeden nog verschillende branden. Hollansche tuin verwoest. Grootekerktoren gedeeltelijk verwoest, de zijmuren der kerk aan de torenzijde weggeschoten. Orgel niet veel geleden Stukken muur van de kerk lagen in de hall gemeentehuis, waarvan de voorgevel gedeeltelijk was verwoest. ’s  Middags tien broden in de voormalige Wehrmachtsbakkerij gehaald. Er waren daar nog ongeveer 2000 brooden ons als erfenis nagelaten.

Om 17.00 uur grote brand in de stad. Het bleek het Wijnhuis te zijn er zaten nog moffen in de wijnhuistoren. Vlammenwerper er op 5 moffen verkoold. Wijnhuis brandde uit ook Drogenapstoren beschoten vanwege moffengespuis er in. Foto’s genomen. Om 23.00 uur naar bed in kelder. Rustig geslapen.

Maandag 9 april.

Opgestaan, water gehaald op ziekenhuis. Naar stadhuis voor overlijdensakten en geboorteaangiften.

Daar werd een conferentie gehouden tusschen de Canadeesche commandant,  de gewestelijk commandant van de N.B.S. {Ned. Binnenlandsche Strijdkrachten} v.d. Wall Bake, de Districtscommandant van het Burgerlijk bestuursapparaat, de loco burgemeester mr. Wagener, de gemeentesecretaris, de voedselcommissaris en diverse andere gemeentelijke autoriteiten als dir. electr. bedrijf  en gas- en waterleiding. Er was in de chaos niet veel te werken. Het was meest handen drukken en vertellen van wederwaardigheden. Zondag en maandag werden alle N.S.B. ers opgehaald door de N.B.S. Met handen omhoog werden ze naar een kelder aan het Oude wand gebracht van waar ze naar de Jeugdgevangenis werden gebracht.

Maandag werden ze aan het werk gezet leeghalen moffenhuizen en puinruimen enz.

De Hoven nog niet bevrijd

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *