Na de Middeleeuwen

 

In 1813 verloor Zutphen zijn stadsprivileges, en ging van stadstaat naar provinciestad. Deze verandering in status heeft het dagelijks leven waarschijnlijk niet veel beïnvloed, maar het werd door de burgers wel als een degradatie ervaren. De gehele 19e eeuw stond trouwens in het teken van de bevolkingsexplosie, en het gebrek aan ruimte in vestingstad Zutphen. In het begin van de 19e eeuw was Zutphen nog net zo als in de Middeleeuwen: de oude stad, Nieuwstad en Spittaalstad. De bevolking, na de rampzalige tweede helft van de 17e eeuw, groeide van 4.000 naar 7.000 mensen, maar had nog ruim voldoende ruimte binnen de vestingwerken. Na 1800 echter steeg de bevolking zo sterk dat er ruimtegebrek optrad; tussen 1808 en 1860 steeg de bevolking van 7.300 naar 13.500! Het ruimtegebrek werd vooral veroorzaakt door de vestingwerken, deze namen meer dan de helft van de beschikbare ruimte in beslag. Dat de bevolking zo sterk groeide wordt vooral toegeschreven aan het voordelige belastingklimaat, en de daaraan verbonden trek naar Zutphen van buitenaf. Ook een geboorteoverschot deed de bevolking toenemen.