Ringburgwal

In de late 9e eeuw werd Zutphen verwoest bij vikingaanvallen, waarna aan het einde van die eeuw een ronde ringwal werd opgericht met een 20 meter brede U-vormige gracht.

De markten Groenmarkt, Houtmarkt en Zaadmarkt zijn nog een deel van die voormalige ringwal en gracht.

In het midden van de 11e eeuw werd Zutphen enige tijd een vorstelijke residentie en werd er een palts gebouwd.
Kort daarvoor was er een kerkkapittel gesticht. De oudste Romaanse bouwfase van de kapittelkerk, de huidige Sint Walburgiskerk werd in 1105 ingewijd.

Sinds 1046 was de bisschop van Utrecht landsheer van het Zutphense graafschap en de burg. In de loop van de late 11e eeuw en de vroege 12e eeuw wisten de graven van Zutphen steeds meer macht naar zich toe te trekken.

Onder de Gelderse graven werd de grafelijke stad, die sinds 1138 via huwelijk in Gelderse handen was gekomen, snel groter en economisch belangrijker.

Graaf Hendrik I van Gelre en Zutphen (1138-1181) liet een nieuwe nederzetting van handelaren en ambachtslui buiten de ringwalburg van een eigen omwalling voorzien. De wal bevatte twee tufstenen poorten en zeven of acht torens van hetzelfde uit Duitsland aangevoerde steensoort. Dat gaf de stad de allure van de bisschoppelijke steden Deventer en Utrecht. In dit stadsgebied vestigde de graaf een eigen hof, dat in 1293 geschonken werd aan de Dominicanen.

Bron: wikipedia