Vestingwerken
De Hofjes
Justitiestad
Archologie
Bezoekersinfo
Leden : 91
Artikelen : 276
Weblinks : 2
Artikelen bekeken hits : 213016

By AWeb Design

Home Uit de krant geknipt Bodemvondsten zien daglicht
Schat aan bodemvondsten ziet daglicht

door Henk Brummelman. woensdag 17 december 2008

Stadsarcheoloog Michel Groothedde geeft een groot aantal geïnteresseerden op het bouwterrein aan de Nieuwstad uitleg over de opgravingen. Onder andere van het vrouwenklooster waarvan de resten van de meest westelijke vleugel nu zijn blootgelegd. foto Cees Baars

Stadsarcheoloog Michel Groothedde geeft een groot aantal geïnteresseerden op het bouwterrein aan de Nieuwstad uitleg over de opgravingen. Onder andere van het vrouwenklooster waarvan de resten van de meest westelijke vleugel nu zijn blootgelegd. foto Cees Baars

zutphen - Potscherven en vuurstenen uit de vroege Bronstijd (1800 voor Chr.), scherven uit de vroege IJzertijd (800-450 voor Chr.) tot een 'gave' beerput van het vrouwenklooster uit de vijftiende eeuw.

Het is maar een kleine greep uit de vondsten, die de Archeologische Dienst zutphen de afgelopen zes weken in de bodem van het Cobercoterrein heeft gedaan.

De opgravingen duren nog twee weken. Gisteren kon het publiek een kijkje komen nemen. Stadsarcheoloog Michel Groothedde had het er druk mee om de meer dan honderd belangstellenden rond te leiden. Hij vertelt hoe verrast de archeologen waren dat de fundamenten van de vroegere stadsmuur nog zo rijk in de bodem te vinden zijn. Op de bouwtekeningen van het Cobercopand kwamen ze namelijk niet eens voor. Het was bij de bouw van het melkonderzoeklab in 1938 ook de bedoeling dat de muurresten gesloopt zouden worden. Dat is niet gebeurd doordat besloten werd om ze in de nieuwe fundering op te nemen. Dat spaarde sloopenergie.

Volgens Groothedde zijn bij de bouw van 1,2 kilometer lange Nieuwstadsmuur (vanaf 1312) honderden miljoenen stenen gebruikt. Allemaal materiaal dat in steenovens langs de IJssel bij zutphen is gebakken. De stenen gaan naar de gemeentewerf en worden op termijn hergebruikt.

Ze kunnen niet in de bodem blijven zitten, want onder het gehele gebouw komt een parkeerkelder, waarvoor alles moet wijken. Voor archeologen is de hoek tussen de stadsmuur en de verkeerslichten van de Nieuwstad (tegenover het Baudartius College) het meest interessant. Onder andere door de vondst van (kruis)gewelvenkelders en een grote beerput. Deze put zal echter pas worden uitgegraven als al met de bouw van het appartementengebouw is begonnen. Voor de medewerkers is door het aanwezige puin nu te gevaarlijk om die put uit te graven. Groothedde verwacht dat die put een schat aan informatie zal opleveren. Hij behoorde bij een latrine die gebruikt werd door de rond zestig nonnen van het Maria Magdalenaklooster, zoals het Isendoornklooster ook wel werd genoemd.

Het klooster, dat tot kort na 1600 werd gebruikt, bevond zich voor het grootste gedeelte op de plek waar nu het Baudartius staat. De meest westelijke vleugel met het latrinegebouw is nu blootgelegd.

Groothedde: "Die beerput is voor onderzoekers het neusje van de zalm. Juist omdat de gebruikers tot een gesloten gemeenschap behoorden, kun je straks uit de inhoud heel veel leren over de leefwijze van dit convent." In de put zit nog een dikke laag 'beer' met daarin kleine snippers textiel, die de nonnen als WC-papier gebruikten. De beerput is tr0uwens ouder dan het klooster zelf. Het kloostercomplex is over de beerput heen gebouwd.
Bron: De Stentor
Joomla Templates and Joomla Extensions by ZooTemplate.Com